 |
2.8 Natuur en Milieu Overijssel
“We hebben hier nog een video liggen van 10 jaar terug met een journaaluitzending, zogenaamd uit de 21ste eeuw. We dachten toen dat het heel erg overdreven was: weersveranderingen, overstromingen… Maar als je naar de berichtgeving van nu kijkt, zou het een echt bericht geweest kunnen zijn”, vertelt Marijke Wester. Ze is werkzaam als medewerker op gebied van natuur- en milieueducatie en milieucommunicatie voor Natuur en Milieu Overijssel (NMO). NMO zet zich onder andere in voor energiebesparing en het gebruik van duurzame energie, zowel als Milieufederatie als in derol van IVN Consulentschap en provinciaal NME-centrum. Het overgrote deel van het lesmaterialenaanbod van NMO is voor het basisonderwijs. Voor het voortgezet onderwijs gaat NMO komend jaar samen met de NME-centra projecten ontwikkelen rond klimaat en energie. Als het om onderwijs over klimaat en duurzame energie gaat, vindt ze het belangrijk dat de onderwerpen op het niveau van de kinderen worden aangeboden. Zeker voor het basisonderwijs betekent dit dat je het bij heel concrete zaken moet houden die de kinderen nog kunnen vatten.
Klimaatverandering is nog te moeilijk voor het basisonderwijs, en daarnaast: “Als zelfs wetenschappers het er nog niet over eens zijn…, wat moet je kinderen er dan over vertellen?” aldus Marijke. In het lesaanbod voor de basisscholen gaat het dan ook over energie besparen door bijvoorbeeld het licht uit te doen: “We vertellen dat het belangrijk is om te besparen, maar de precieze reden komt later”. Zo wordt op de basisschool een basis gelegd voor het zorgprincipe, dat maakt dat leerlingen later bewust met hun leefomgeving om zullen gaan. “Bij basisschoolleerlingen is het belangrijk dat ze zich verantwoordelijk gaan voelen, en dan niet voor de wereldproblemen, maar voor hun eigen omgeving. Naarmate ze groter worden, wordt die eigen omgeving groter.”
In het voortgezet onderwijs is klimaatverandering wel op z’n plaats, maar dan wel gekoppeld aan de vakken. Dus als het bij aardrijkskunde over meteorologie gaat, besteed dan ook aandacht aan weersveranderingen en klimaatverandering en als het bij natuurkunde over energie en elektriciteit gaat, behandel dan ook energiebesparing. Volgens Marijke pakken goede scholen het zelfs nog groter aan en behandelen zij onderwerpen als klimaat en duurzame energie vakoverstijgend. “Als bij biologie de koolstofkringloop en CO2 worden behandeld en ook de link met fossiele brandstoffen, het kappen van bomen en het broeikaseffect wordt gelegd, zullen leerlingen zelf de conclusie trekken dat meer bomen planten en behoud van tropisch regenwoud CO2 wegvangt en dat dit helpt tegen klimaatverandering. Zo leren ze ook om projecten te begrijpen zoals het ‘groene gas’ van Essent, een project om gasverbruik te compenseren.”
Meerdere organisaties, zoals overheden, NME-centra, energiebedrijven en uitgevers zouden volgens Marijke vanuit hun visie voor aanbod over onderwerpen als klimaat en duurzame energie moeten zorgen. Het is daarbij belangrijk van welke zender de boodschap komt, je moet oppassen voor belangenverstrengeling: “Het is prima dat commerciële bedrijven ook aan de doelgroep onderwijs denken, maar als ze verstandig zijn, maken ze niet zelf lesmateriaal, maar financieren ze door onafhankelijke partijen gemaakt lesmateriaal.”
Aanbevelingen voor onderwijs(ontwikkelaars)
Hou de opdrachten voor het basisonderwijs kleinschalig en concreet, binnen de eigen leefwereld.
Behandel in het voortgezet onderwijs de onderwerpen vakoverstijgend en koppel het aan de verschillende vakken.
Bij het ontwikkelen van lesmateriaal is het van belang dat de informatie van een onafhankelijke bron komt.
Onderwijsproducten in het aanbod van Natuur en Milieu Overijssel:
- Handelingspraktijk/Afweging: Sarah’s wereld – Podium bureau voor educatieve communicatie bv/ CNME Parkstad Limburg
- Mobiliteit: Pamela pakt de fiets - NMO
- Energiegebruik, experimenten: Natuurlijk Energie! - Nuon
- Handelingspraktijk: Energie Adviesbureau - IVN Flevoland
volgende pagina vorige pagina terug naar Leerlijn
|