Leerlijn klimaat en duurzame energie  
3.1 Introductie


3. WERKEN met een LEERLIJN


3.1 Introductie


Het werken met een doorgaande leerlijn vergt van docenten, intermediairen, themaorganisaties en programmaontwikkelaars dat zij het systeem van een leerlijn inzien. Vanuit het systeem ontstaat duidelijkheid over wat de leerling op welk moment leert en op welke basis de docent van het volgende leerjaar voort kan borduren.

Bij de keuze voor bepaalde lesmiddelen of het zelf ontwikkelen van lesmateriaal is het van belang om o.a. de volgende twee uitgangspunten in het oog te houden: de kerndoelen en eindtermen voor het onderwijs en de leefwereldcontexten van de leerlingen.

De kerndoelen en eindtermen bepalen voor een groot deel welke onderwerpen leerlingen aangeboden moeten krijgen, en dus welke inhoud voor docenten bruikbaar is. Van de kerndoelen en eindtermen die te maken hebben met klimaat en/of (duurzame) energie vindt u in paragraaf 3.2 een kort overzicht.

De leefwereldcontexten van de leerlingen bepalen of aangeboden informatie relevant is voor leerlingen. Een leefwereldcontext is een situatie waarin de leerlingen met een activiteit te maken hebben die betekenis kan verlenen aan het onderwerp. Bijvoorbeeld: in het gezin (leefwereldcontext) hebben leerlingen te maken met energiegebruik (activiteit en onderwerp). Daardoor kunnen leerlingen lessen over dit onderwerp, en daaraan gekoppeld energie besparen, plaatsen in hun reeds bestaande kennis en krijgt het onderwerp betekenis. Over leefwereldcontexten en activiteiten op gebied van klimaat en/of duurzame energie vindt u meer in paragraaf 3.3.

In paragraaf 3.4 en 3.5 vindt u tot slot een tweetal praktische punten: hoe u producten kunt inzetten als leerstofvervanging en hoe u een eigen, op uw eigen school/situatie toegespitste, leerlijn samenstelt uit het algemene aanbod.

volgende pagina                         vorige pagina                         terug naar Leerlijn